Een tijdloze wereld
Vóór het communistische regime waren Albanezen een tribaal volk, maar met het communisme van Hoxha, een Tosk, begon hun levenswijze drastisch te veranderen.
Hoxha geloofde dat nationale eenheid alleen kon bereikt worden als de verschillen tussen stammen, religie, cultuur, taal en economie gewist werden. Hij onderdrukte de culturele, taalkundige en economische verschillen tussen Noord en Zuid. In 1967 verklaarde Albanië zichzelf als eerste atheïstische staat in de wereld en sloot het de grenzen om elke buitenlandse invloed buiten te sluiten. De toepassing van de traditionele Kanun wetten werden verboden. De Albanese geheime dienst, de Sigurimi, was de ultieme agent van sociale controle. Deze dienst had een enorm impact op het alledaagse leven van de Albanees. Eén op drie Albanezen werden gearresteerd en op zijn minst ondervraagd. Het resultaat was en is dat de Albanees teruggetrokken en wantrouwend werd en een potentiële vijand zag in alles en iedereen. Dit verergerde de tegenstelling vriend-vijand waardoor velen alleen nog de naaste familie vertrouwde. De val van het communisme bracht snelle veranderingen: onder de regering van Sali Berisha, een Gheg uit het Noorden, beklaagden de Tosk in het Zuiden zich dat ze werden uitgesloten van alle hogere functies en achteruit werden in nieuwe ontwikkelingen. Hooglanders uit het Noorden stroomden Tirana binnen en verschillen in stam, religie en politiek wonnen opnieuw aan belang. Dit liet vele mensen kwaad en verward achter.
Eenmaal deze tirannie achter de rug was het einde van de ellende nog niet in zicht: bovenop de economische en sociale puinhoop kwam nog het financiële schandaal dat begon vroeg in 1996 en duurde tot 1998 waarin met medeweten van en zonder ingrijpen door de politieke kaste – als de politiek weet en niet ingrijpt, gebruiken we normaliter een ander woord – het overgrote deel van de Albanezen alles verloren wat ze bijeengescharreld hadden. Ook dit heeft ongetwijfeld vele slachtoffers gemaakt. Albanezen zijn dus helemaal niet zwak of laf, maar waren bijna altijd slachtoffer van omstandigheden die zij zelf hadden moeten kunnen bepalen, maar waar ze niet de kans toe kregen: de leiders, de wapens, de allianties, de redenen waarvoor moest gevochten worden.
Toen de situatie wat rooskleuriger werd vanaf de eeuwwisseling werden samen met de globalisatie nieuwe wetten afkomstig uit dominante westerse waardesystemen opgelegd aan Albanië. Dit legaal kader en de waardesystemen ontwikkelden zich niet op een natuurlijke wijze vanuit de gemeenschap. Dit maakte de afstand tussen mens en staat nog groter met als bijkomend probleem dat het dagelijks leven absoluut niet georganiseerd was naar de waarden zoals uitgedrukt in de wetten. Deze westerse wetten werden snel in toepassing gebracht en opgelegd om dichter bij EU en Navo te kunnen aanleunen De bevolking heeft die democratische waarden niet onmiddellijk kunnen opnemen omdat ze nooit een erfenis van democratische waarden heeft gehad. De opeenvolgende regeringen bleven zich bijgevolg baseren op een autoritair model van leiderschap. Vandaag nog is het wantrouwen tegenover overheidsinstanties nog altijd zeer groot en geloof in politiek en gerecht miniem. Een belangrijk element in dit verband is de bestrijding van corruptie. Om kans te maken op toetreding tot de EU moest dit in prioriteit aangepakt worden en met behulp van specialisten uit de EU werden rechters en magistraten aan een controle onderworpen. De recentste cijfers waarover ik beschik uit 2022 laten zien dat na 4 jaar onderzoek 199 rechters werden bevestigd in hun ambt en 191 werden ontslagen. Ook 2 magistraten werden afgezet. Te vermelden ook dat 78 rechters en procureurs en 8 magistraten zelf ontslag namen vóór aanvang van de ondervragingen. Dit betekent ruwweg gesteld dat ruim meer dan de helft de oorsprong van hun bezittingen of kapitalen niet kon of wilde verklaren.