image

Zuid-Albanië

Hoop leeft langer dan wijzelf

Daarom

Zuid-Albanië maakte het grootste deel van de oudheid deel uit van Epirus. De naam komt van het Griekse Ipeiros wat vasteland betekent. Het omvatte het gebied tussen de Golf van Ambracia (nu Arta) en het Karaburun gebergte nabij Vlora. Het werd toen bewoond door zo’n veertien stammen waarvan de Chaoniërs, de Molossiërs en de Threspotiërs de drie belangrijkste waren. Ze spraken Dorisch Grieks, tenminste de elite. Ze lagen voortdurend in de clinch met elkaar en gedurende een tweetal eeuwen zwaaiden de Molossiërs de plak en hadden zowaar een koninkrijk met koning. Dat hadden ze voor een groot deel te danken aan hun alliantie met de Macedoniërs door het huwelijk van ene Olympias, nicht van de toenmalige Molossiaanse leider, met Philips II van Macedonië. Die was niet aan zijn proefstuk toe want het was zijn derde of vierde vrouw. In elk geval deed hij de dingen zoals het hoorde want Olympias werd de moeder van Alexander de Grote. Onmiddellijk na de dood van Alexander is er in Griekse bronnen en op munten voor de eerste keer sprake van Epirus. Welke taal de gewone bevolking sprak is nog moeilijk te achterhalen, maar de relatief oude differentiatie van de Albanese dialecten en het feit dat het grootste deel van het gebied waar het zuidelijke dialect zich ontwikkelde (Tosk) samenvalt met wat toen Epirus werd genoemd, doet veronderstellen dat de bevolking daar een taal spraken die door een geleidelijke evolutie aan de oorsprong ligt van het huidige zuidelijke dialect. Griekse geleerden beweren dan weer dat de Epiroten een Griekse of gehelleniseerde stam waren en een Grieks dialect sprakenToch beschouwden de oude Grieken, onder anderen Thycidides (Atheens generaal en historicus die leefde in de tweede helft van de vijfde eeuw BCE) de inwoners van Epirus als barbaren (dat wil zeggen niet-Grieken). In elk geval is het niet uit te sluiten dat de impact van de Griekse cultuur en taal in dat gebied vrij groot moet zijn geweest. In de derde eeuw AD na de administratieve hervormingen en opdeling van het Romeinse Rijk door keizer Diocletianus werden de gebieden tussen de rivieren Vjosa en Mati Epirus Nova genoemd. Het was een pure administratieve benaming en betekent niet dat de inwoners van dat gebied zichzelf Epiroten noemden. Tijdens de Middeleeuwen werd de naam Epirus ook gebruikt om de gebieden te beschrijven die werden bewoond door Albanezen. De Albanese auteur Franciscus Blanchus gaf zijn Latijns-Albanees woordenboek de titel ‘Dictionarium Latino-Epiroticum’ (1635). In die tijd noemden de Albanezen zichzelf Arbëreshë en hun land Dheu i Arbënit. De bevolking werd drastisch gehelleniseerd vooral na de onafhankelijkheid van Griekenland in 1821 en nog meer na 1912 en 1945 toen massa’s etnisch Albanezen verplicht werden hun geboortegronden te verlaten en uit te wijken naar Turkije, Albanië en elders in Europa. Toch blijft het vreemd dat zelfs na 2500 jaar Grieks nabuurschap en zelfs dominantie zo weinig Griekse woorden zijn overgenomen in het Albanees, zeker in vergelijking met wat het Latijn naliet na 500 jaar en Slavische talen na 1000 jaar. Het Grieks is dus blijkbaar de taal gebleven van de kolonisten aan Ionische en Adriatische kusten en van de lokale elite terwijl de lokale bevolking gewoon naar Grieks overschakelde als dat nodig bleek. Vandaag spreken zeer veel Albanezen in het Zuiden Grieks als tweede taal, puur uit economische en professionele noodzaak, terwijl ze onder elkaar Albanees praten. Of Cam of Arbëreshë of wat voor dialect ook. Het ene beïnvloedt niet het andere. Het heeft ook te maken met het conservatieve karakter van de Albanese etnos die dan weer het gevolg is van eeuwenlange isolatie in bergachtige gebieden en die tot uiting komt bij emigranten die zelfs na vele generaties hun taal blijven behouden en onderwijzen waar ook in de wereld.

 

Wat zoekt een reiziger of toerist in Albanië? Misschien een eenvoudige geografische bestemming, het land ligt tenslotte niet zover weg, het staat niet aan de top van toeristische voorkeuren en het is ook geen exotische bestemming in de strikte zin van het woord omdat het zonder veel problemen kan bezocht worden. Waarschijnlijk zoekt hij veeleer een droom, een idee, of beter, een emotie, misschien een speciale, de enige nog mogelijke reis die nog niet is gemaakt, wat zich zal weerspiegelen in het gekozen reisschema. Misschien zoekt hij iets specifiek om te doen, niet alleen maar een panorama dat absoluut moet gezien worden of een proeverij van de lokale keuken, misschien wil hij zich laten gaan in herinneringen of in de veranderende kleuren van een zonsondergang, ofwel gewoon niets doen.

 

Deze site is meer een toevallig repertoire van het Zuid-Albanië van nu. Toevallig in de zin dat plaatsen, gebeurtenissen, ervaringen en suggesties die ik verzameld heb het gevolg zijn van persoonlijke belevingen tijdens het rondrijden in zuidelijk Albanië en vooral dat ik, bijna altijd, iets gevonden heb toen ik iets anders zocht: naar mijn gevoel een uitstekende manier om te leren kennen wat ooit een vergeten, onbekend en chaotisch land was. Bijgevolg zult u naast een summiere beschrijving van plaatsen – daarvoor bestaan enkele goede toeristische gidsen en vanzelfsprekend het internet – vooral dingen lezen om te doen-voelen-zien-drinken-eten-beleven-luisteren op plaatsen die zeer dikwijls slechts door weinigen gekend zijn.

 

In Zuid-Albanië zijn een vijftal plaatsen die door iedereen die geïnteresseerd is of het land al bezocht heeft, gekend zijn, maar in deze site heb ik de voorkeur gegeven aan de overgrote meerderheid aan minder bekende of ronduit onbekende plaatsen. Deze zijn voor mij belangrijk omdat ze verbonden zijn aan de Albanese realiteit. Daarom geef ik geen rangschikking naar belangrijkheid (in de zin van de populaire slagzin “de tien meest belangrijke plaatsen die u moet gezien hebben”), privilegieer ik geen regio’s, maar heb ik gekozen voor persoonlijke ervaringen en een strikt persoonlijke keuze. Daarom ook zijn beschrijvingen soms ironisch of luchthartig, maar dat is alleen omdat ik persoonlijk de beschreven plaatsen heb bezocht en suggesties baseer op persoonlijke ervaringen.

 

Waarom Zuid-Albanië? Omdat ik het ken en omdat het steeds vol verrassingen is: het ordinaire en het verrukkelijke liggen naast mekaar, het lelijke en het prachtige zijn mekaars buren, het grove en het fijne, het brutaal choquerende en onverwachte fijngevoelige volgen elkaar in snel tempo op. Omdat het binnenland, op Berat en Gjirokastër na, slechts uitzonderlijk door ‘specialen’ wordt bezocht en ik aan dat onrecht wat wil doen.