banner

Zagoria

 

Wat u moet weten voor u Zagoria bezoekt

 

Zagoria ligt wat verscholen in de bergen in de driehoek Gjirokastër1 - Tepelenë - Përmet en is ondanks dat het een beschermd park is, slechts sinds zeer recent, een drietal jaren, bekend geworden als mogelijke toeristische attractie. Daarvoor werd het uitsluitend bezocht door avontuurlijke wandelaars. Het is nog altijd een beetje een avontuur, maar de natuur en de gastvrijheid van de bewoners in de weinige dorpen belonen elke inspanning. Het blijft een paradijs voor wandelaars: het reliëf wordt gekenmerkt door de wijdverspreide karstformaties. In de hoogste delen van de bergketens, voornamelijk op de oostelijke hellingen van de Nemërckë en de Lunjëria, boven de 1700 m hoogte, zijn nog steeds sporen van gletsjers uit het kwartair bewaard gebleven in de vorm van keteldalen en periglaciale afzettingen. De bergen worden van elkaar gescheiden door valleien, kloven en passen die zich vaak tot grote hoogte uitstrekken. Zo scheidt de Zagori-Pogoni-vallei het Dhëmbel-Nemërckë-gebergte van de Lunjëri-Bureto, terwijl Trebeshina van Shëndëllia wordt gescheiden door de kleine valleien van Maricaj en Mezhgoran. De naam Zagoria is van Slavische oorsprong en betekent 'achter de bergen'.

De Zagoria-vallei scheidt het Lunjëri-gebergte in het westen van Dhëmbeli in het oosten. De Zagoriavallei is een synclinale vallei met een smalle bedding en steile hellingen, die in het lagere deel smaller worden. De bodem van de vallei ligt op een hoogte van 700 m en 200 m (bij de monding). Erosieprocessen in de Zagoriavallei, met name op de rechterhelling, zijn vrij sterk. De Zagoriavallei wordt doorkruist door de Zagoriarivier met een lengte van 27 km die uitmondt in de Vjosa. De rivier wordt gevoed door talrijke karstbronnen, vooral aan de rechterzijde van de vallei. Het water wordt gebruikt voor de irrigatie van landbouwgronden. In de Zagoriarivier, die door het midden van de vallei stroomt, zijn de moerassen en rivierterrassen goed ontwikkeld.

Het massief Lunjëria ligt tussen de Gryka e Këlcyrës en de Suka, met een lengte van ongeveer 30 km en een breedte die varieert van 4-7 km. De hoogste top is Spile (2.155 meter). Andere toppen zijn Goliku (1.722 m), Strakaveci (1.958 m), Marota (2.039 m), Kosula (2.090 m), Çajupi (1.536 m). Dit massief staat bekend om de schoonheid van het landschap en het gezonde klimaat. Aan het einde ervan ontspringen belangrijke karstbronnen. De oostelijke helling van de berg Lunjëria, die afdaalt richting de Zagoria-vallei, is regelmatiger. Boven de hoogte van 1.800 m zijn sporen van 7 op een rij gelegen gletsjerketels bewaard gebleven. Daaruit ontspringen tijdelijke beken met smalle en relatief diepe beddingen die in de Zagoria-vallei eindigen. Van Topova tot Peshtan is het reliëf zeer ruig en steil (zoals bij Shkëmbi i Zhejit), waar het de vorm aanneemt van afgronden.

Het klimaat van Zagoria is relatief koud in de winter met overvloedige sneeuwval die een stabiele laag vormt. De koude wind die door de vallei waait, verlaagt de temperaturen aanzienlijk, tot aan vorstvorming toe. De ligging in het zuiden van het land in een zeer ruig reliëf waar de invloed van het mediterrane klimaat en de bergen samenvloeien in een gebied dat momenteel zeer dunbevolkt is, heeft gezorgd voor natuurlijke rust en bijgevolg een hoge biodiversiteit aan habitats en soorten. Het gebied onderscheidt zich door de aanwezigheid van de Macedonische zilverspar die van groot ecologisch belang is.

De regio is ook rijk aan medicinale, aromatische en honingplanten. De fauna is beperkt tot grote plantenetende en vleesetende zoogdieren. Zeldzame dieren in deze regio zijn: de bruine beer, de wilde kat, de lynx, de wolf, de vos, de wilde geit, het wilde zwijn enz. Onder de vogels bevinden zich de arend en de bergpatrijs.

Vanuit Gjirokastër kunt u naar het Çajupi-plateau (Fushë Çajupi, ongeveer 1300 m boven zeeniveau) rijden, waar een goede asfaltweg eindigt. Het plateau is een van de mooiste plekjes in Zuid-Albanië en zeker een bezoek waard. Er is een boerderij, waarvan de eigenaren een camping met rustieke bungalows runnen. Wie wil, kan de uitbaters helpen met de dieren en 's avonds een tocht te paard maken. Çajupi is tevens het startpunt van de adembenemende wandeling langs de bergkam van de Maja e Strakovecit. De weg van Çajupi naar Shepër is alleen begaanbaar met 4x4-voertuigen.

Een wandeling vol adembenemende uitzichten wacht op u als u de smalle asfaltweg van Këlcyrë naar het dorp Malëshovë neemt. Parkeer uw auto bij de kapel van Sint-Christoffel (Kisha e Shën Kristoforit) die op een kleine verhoging staat, een paar honderd meter voor het einde van de verharde weg. Vanaf dit kerkje – met een adembenemend uitzicht op de imposante berg Maja e Strakavecit aan de overkant van de vallei – is het iets meer dan een uur lopen over een goed pad naar de top van Qesanik (Maja e Qesanikut, 1280 m). De steile noordwand vormt de dramatische rand van de Këlcyrë-kloof en het uitzicht over de vallei is werkelijk spectaculair.

Andere interessante dingen in de omgeving

 

De Kalasabrug, ook wel bekend als de Limarbrug, ligt vlakbij het dorp Limar in de gemeente Këlcyre. Deze brug, gebouwd over de Zagoria-rivier in 1804 door Ali Pasha Tepelena, overspant de weg Këlcyre-Malëshovë-Zagori. Met een oppervlakte van 52,8 m² en een lengte van 18 meter is hij perfect aangepast aan de rivieroevers. De brug heeft twee bogen en bereikt een hoogte van maximaal 6 meter. Een gelijkaardige brug, ook zeer mooi gelegen, bevindt zich nabij het dorp Nivan.

basis

Gryka e Kazanit is de naam van de kloof die aan de voet van de indrukwekkende Nemercka-muur ligt. Het is een van de mooiste wandeltochten in de Vjosa-vallei. De route bereikt de voet van de Nemercka-muur en loopt vervolgens over de grenskam met adembenemende uitzichten op de bergen van Griekenland en Nemercka. Aan de voet van de Nemercka-muur ligt een enorme weide en in de zomer zijn er herders. De klim is vrij gemakkelijk en het vinden van de route is geen probleem. In de buurt kan u ook de waterval van Sopoti gaan bewonderen.

kerk

ATTRACTIES

Andere Top 11