In de loop van de laatste 10 jaar is Gjirokastër van een grijze, saaie, zelfs gevaarlijke of op zijn minst gevaarlijk aanvoelende stad met allesbehalve gastvrije mensen, uitgegroeid tot een centrum van het Albanese toerisme. De zichzelf resepecterende toerist kan niet meer zeggen dat hij/zij Zuid-Albanië heeft bezocht en niet minstens een dag en een nacht in Gjirokastër heeft doorgebracht. Jaren geleden liep ik helemaal alleen door de totaal verlaten en verwaarloosde citadel van Ali Pasha. Ik was voorbij het uit de jaren 1950 spionage vliegtuig gelopen dat neergeschoten was door de communsiten - die echter geen luchtafweergeschut hadden - dat nog steed trots wordt gepresenteerd als een trofee. In die jaren was het allemaal stroef en onzeker. Mannen liepen door de straten, somber en agressief en geen vrouw te zien op straat. 's Avonds was er in tegenstelling tot andere steden geen volta. Werkloosheid en onbewoonde, maar in se mooie woningen verlaten en vervallen. De val van het communisme en de opeenvolgende politieke en financiële crisissen hadden in deze stad en regio lelijk huis gehouden, velen waren uitgeweken naar veelal Griekenland. Dat is allemaal veranderd. Velen zijn, samen met de toeristen en met steun van een stabielere politieke toestand teruggekeerd en zijn begonnen met de heropbouw. Een zichtbaar overblijfsel van die benarde tijden is het Griekse consulaat dat nog altijd een prominente plaats inneemt links op hetr plein aan de ingang van de oude stad boven. Daar werden de visa's uitgegeven die de garantie waren om te kunnen ontsnappen aan de miserie. Gjirokastër was de thuisstad van ENver Hoxha en in de communistische periode kreeg de stad bijgevolg geld en aandacht en kreeg het de benaming 'Museumstad". In 1991 was dat voorbij: geen geld meer vanuit Tirana, enkel vanuit Griekenland, van de emigranten. Vandaag echter is het, naast Përmet, één van mijn voorkeursteden in het land: huizen met leien daken, duizelingwekkende straten geplaveid met kalksteen en een kasteel gebouwd uit rotsen gehouwen uit de omliggende bergen. De 'Stenen Stad' van Albanië is een zilveren schoonheid die glinstert in de regen. En met mensen die opnieuw hoop hebben gekregen alhoewel het Griekse consulaat er nog altijd is. Hier hebben ze al wat meegemaakt en men weet nooit...

Het kasteel, vernoemd naar prinses Argjiro, die weigerde zich over te geven aan de Ottomaanse indringers en haar dood tegemoet sprong, staat op een heuvel die hoog boven de vallei en de omliggende stad uittorent. De naam Gjirokastra en het kasteel worden voor het eerst genoemd in Byzantijnse geschriften uit 1336. Volgens archeologische opgravingen dateert het kasteel uit de 3e of 4e eeuw voor Christus. Het herbergt een grote galerij met kanonnen en artilleriestukken (verzameld uit heel Albanië toen in 1971 werd besloten een wapenmuseum te openen). Het kasteel heeft in de loop der eeuwen verschillende uitbreidingen en veranderingen ondergaan. Het oudste monument van Gjirokastra bewaart ook de herinnering aan de gevangenis die in 1932 door koning Zog werd gebouwd en door latere regimes werd gebruikt. Het kasteel bleef tot 1968 in gebruik als gevangenis en is nu een cultureel centrum. Om de vijf jaar wordt hier het Nationaal Volksfeest gehouden met Albanië's meest vooraanstaande traditionele muzikanten. Wat je ook doet, sla het Gjirokaster Museum in het kasteel niet over. Hier vind je informatie over de rijke geschiedenis van de stad, aangevuld met biografieën van enkele hedendaagse inwoners van Gjirokaster. Het is goed geschreven en enorm boeiend. Ik kan het van harte aanbevelen. Alleen al het doornemen van de teksten en foto's kost je ongeveer 1-1,5 uur. En als je eenmaal begint met lezen, wil je niet meer stoppen – dus zorg ervoor dat je voldoende tijd overhoudt. Het Militair Museum op de bovenverdieping (officieel het Nationaal Wapenmuseum) is minder aantrekkelijk en je kunt het beter overslaan, tenzij je bijzonder geïnteresseerd bent in oorlogsgeschiedenis.

De oude stad Gjirokaster is een uitgestrekte bazaar in Ottomaanse stijl, oorspronkelijk gebouwd in de 17e eeuw en 200 jaar later volledig herbouwd na een verwoestende brand. De kronkelige straatjes zijn versierd met een prachtig vlechtwerk van witte en zwarte steen. Een hoogtepunt van de Oude Bazaar is de in 1757 gebouwde Gjirokaster-moskee, ook wel Bazaarmoskee genoemd. Deze moskee, die gespaard bleef van de communistische vernieling, werd tot in de jaren 90 gebruikt als circusopleidingsschool. In de buurt bevinden zich maar liefst zeven stenen wasfonteinen en diverse hamams. Het is de enige intacte moskee die de verwoestende landelijke atheïstische campagne tijdens het communisme heeft overleefd. De Obelisk – een monument ter ere van de pioniers van het Albanese onderwijs in de 20e eeuw – bevindt zich op het hoogste punt van de Bazaar en biedt een 360-graden uitzicht over de stad. De Gjirokastra Bazaar staat ook bekend om zijn handgemaakte houten stukken, handgeweven tapijten en ambachtelijk handwerk.

Het ouderlijk huis van de wereldberoemde Albanese schrijver Ismail Kadare werd drie jaar geleden omgebouwd tot museum. In zijn boek "Chronicle in Stone" wordt het uitgebreid beschreven. Lezers zullen zich Kadare voorstellen als een kleine jongen die bij het raam staat en zijn grootouders, andere personages in zijn boek en vele episodes uit de Tweede Wereldoorlog bekijkt. Het huis, gebouwd in 1799 en in 1991 uitgeroepen tot cultureel monument, is gerestaureerd en gerestaureerd onder auspiciën van UNESCO en het Ministerie van Cultuur en geopend op 28 januari 2018, de 80e geboortedag van Kadare. Gelegen in het centrum van de historische wijk Palorto, vinden bezoekers originele voorwerpen van de familie, zoals meubels en foto's. De meeste van de ongeveer 500 versterkte Ottomaanse huizen dateren uit de 17e en 18e eeuw. Het ongewone profiel wordt gecreëerd door een hoge fundering van stenen blokken, die tot wel vijf verdiepingen hoog is. Binnen zijn slaapvertrekken, gastenkamers en hamams met elkaar verweven door een netwerk van gangen en geheime deuren, omgeven door meerdere binnen- en buitentrappen. De platte stenen die voor de daken zijn gebruikt, zijn de reden waarom Gjirokaster zijn bijnaam 'De Stad van Steen' kreeg. Onder het communisme werden de versterkte huizen genationaliseerd en later teruggegeven aan hun rechtmatige eigenaren. Sommige ervan werden gerestaureerd. Nakomelingen van de oorspronkelijke eigenaren beheren nu de huizen en nodigen gasten uit voor een rondleiding door hun vertrekken.

Het Etnografisch Museum is gevestigd in het ouderlijk huis van Enver Hoxha, 45 jaar lang de dictatoriale leider van Albanië. Hoxha's oorspronkelijke huis, waar hij in 1908 werd geboren, brandde af en werd in 1966 herbouwd. De museumzalen zijn ingericht en gedecoreerd met artefacten, kostuums, kleding en keukenvoorwerpen en laten zien hoe de hogere sociale klasse van de 19e eeuw in het zuiden van Albanië leefde. Het huis biedt zowel inzicht in de jeugd van de dictator als in de geschiedenis van Gjirokastra. Net als andere huismusea in de regio biedt het een kijkje in het 19e-eeuwse Albanese leven. In het vier verdiepingen tellende huis vindt u een tentoonstelling van kostuums, textiel en huishoudelijke voorwerpen. De didactiek is zeer diepgaand en goed geschreven. U leert veel over de stad Gjirokaster, haar feesten en gebruiken. Er zijn slechts enkele verwijzingen naar de dictator in het museum: een paar erfstukken van de familie Hoxha zijn opgenomen in de tentoonstelling, en er zijn verschillende zalen die de communistische terreur belichten.

Enkele van de mooiste huizen van Gjirokaster hebben hun adres aan de kronkelende straten van de wijk Manalat. Deze historische wijk ten zuiden van het kasteel ligt hoger, parallel aan het fort, waardoor je hier ook de meest adembenemende uitzichten op het kasteel hebt met op de achtergrond de rotsachtige bergen. Het is er ook een stuk rustiger en voelt veel lokaler aan – ideaal als je even weg wilt van de toeristische oude stad. Probeer tijdens je wandeling de tuinhekken te spotten, gemaakt van metalen platen waaruit lepels, messen en ander bestek zijn geperst. Een geniale manier om fabrieksresten te hergebruiken! Je vindt een aantal geweldige lokale restaurants in Manalat. Van hieruit kan je ook een korte trektocht maken naar de brug van ALi Pashe. Deze brug vertegenwoordigt Ali Pasja's inspanningen om een aquaductcomplex in Gjirokastra te laten bouwen. Gebouwd op een brug en een systeem van prachtige kanalen, die water van de nabijgelegen berg Sopot naar het kasteel voerden, was het plan (uit de jaren 1812-1813) bedoeld om de leefomstandigheden in het kasteel te verbeteren met behulp van het beroemde vakmanschap van de steenhouwers van Gjirokastra. Zoals de meeste vestingwerken en kastelen die in deze periode door de vizier van Ioannina werden gebouwd, zou dit bijzondere werk de handtekening dragen van architect Petro Korçari. Het aquaduct werd gebouwd op stenen bruggen en bogen die water naar waterreservoirs in het kasteel leidden. Tegenwoordig bestaat het aquaduct alleen nog uit deze stenen brug over de wijk Dunavat. De Ali Pasja-brug is gemaakt van steen, 16 meter hoog, 40 meter lang en 2,3 meter breed.



